‘Winst kun je alleen samen behalen’  is een gastbijdrage van Gerard van Dongen. Gerard is naast een enthousiast fietser, Manager Business Development bij Careweb; leverancier van een webbased zorgmanagementsysteem. Een column over samenwerken.

Geen eenvoudige opdracht

De ploegleider was de avond voor de volgende etappe gebeld door de hoofdsponsor. De opdracht was duidelijk: alleen winst. Winst, winst, winst.

Geen eenvoudige opdracht en de ploegleider probeerde de sponsor nog duidelijk te maken dat het juist morgen geen eenvoudige opdracht zou zijn, want er stond een ploegentijdrit op het programma.

De ploegleider probeerde de sponsor duidelijk te maken dat een ploegentijdrit de grootste uitdaging is om als team te fietsen. Geen ruimte voor foutjes als je het maximale resultaat wilt halen.

De sponsor was duidelijk: zo hard mogelijk anders kwam hij het zelf wel even uitleggen!

De ploegleider ging op de ochtend van de rit met de renners zitten. Zo hard mogelijk, zo hard mogelijk bulderde hij tegen de renners.

Een 50 kilometer vlak biljartlaken lag op de renners te wachten en een paar klimmers probeerde nog te protesteren.

Bij een ploegentijdrit telt de tijd van de vijfde renner, hoe snel de eerste ook is.

De renners gingen van start en één van de tijdritspecialisten hadden de boodschap goed in z’n oren geknoopt en na 8 kilometer moest één van de teamleden al lossen en waren ze nog met zeven.

Weer een paar kilometer was het de beurt aan een volgende renner en ze waren nog met zes.

Halverwege kreeg de ploegleider een telefoontje van de sponsor die naar de tv zat te kijken. Het moest harder hij wilde de winst. Winst! Alleen de overwinning telt!

Weer kon een van de renners het niet bijhouden en ze waren nog met vijf en het was nog 12 kilometer. Het tempo werd monsterlijk hooggehouden en de tussentijden zagen er goed uit. Ze konden gaan winnen.

Maar het noodlot sloeg toe en een van de renners (één van de tijdritspecialisten nog wel) reed lek in een bocht en verloor de macht over het stuur. Hij belandde keihard in de hekken en brak een sleutelbeen.

Een drama, want nu moest er gewacht worden op een van de geloste renners. De geloste renners leken geen rol meer te spelen, dus die waren op hun gemak gaan fietsen en lagen inmiddels minuten achter.

Het leek uren te duren voor een renner uit de achtergrond op kwam dagen en zich aansloot bij de vier overgebleven renners.

De laatste tijdritspecialist ging extra plat op z’n fiets liggen en gaf nu alles maar het was een verloren zaak. Kansloos.

Laatste, allerlaatste werd het team. Ruim vier minuten had het geduurd voor het team weer compleet was en daar had de totale concurrentie optimaal van weten te profiteren.

Moraal van dit verhaal?
Wielrennen lijkt een individuele sport, maar is wel degelijk een teamsport. Net zoals een bedrijf een teamsport is.

Ieder moet zijn eigen rol kennen. Een sponsor (aandeelhouder), ploegleider (directeur), kopmannen (managers) en knechten (werkvloer) hebben allemaal hun eigen rol binnen het team.

Niet alles kun je plannen. Mensen kunnen ziek (lekrijden) worden en op dat moment blijkt dat een mindere vervanger misschien wel beter is dan geen vervanger.

De beste teamresultaten bereik je alleen als je elkaars rol respecteert en snapt dat zelfs een zwakke schakel soms enorm van pas kan komen.

Het gaat er niet om of de langzamere de snelle bij kunnen houden. Het gaat er vooral om dat de snelste de langzamere bij kunnen houden en deze motiveren om boven zichzelf uit te stijgen.

Lees ook het interview met Gerard van Dongen over Het Nieuwe Werken, werk-privé balans en de rol van managers.

Foto: Gerard van Dongen