In mijn artikel over onrust in de kantoortuinen schreef ik al over de problematiek van lawaai en gebrek aan privacy door de herinrichting van kantoren na het invoeren van Het Nieuwe Werken.

Niet alleen de hoogsensitieve werknemers hebben last van geluiden op de werkvloer. Bijna alle kantoortuinwerkers ondervinden hinder van lawaai en gebrek aan privacy. Conclusie was dat we niet kunnen ontkomen aan de onrust in de kantoortuinen zonder drastische maatregelen te nemen.

De bedoeling van de open kantoren is dat medewerkers beter samen gaan werken, maar werknemers willen niet gedurende de gehele werkdag met elkaar overleggen. Het personeel heeft tijd en rust nodig om zelfstandig te werken.

Steeds vaker worden maatregelen genomen tegen geluidsoverlast in de kantoortuinen.

De Standaard publiceerde het artikel ‘Stille dinsdag op de werkvloer’. Een paar uur geconcentreerd doorwerken is voor veel mensen een onbereikbaar ideaal. Ze worden namelijk gestoord door telefoontjes, e-mails, tekstberichtjes en collega’s met vragen. Het grote nadeel van kantoortuinen en mobiele bereikbaarheid.

Drie keer hield Delta Lloyd Life een No Talk Tuesday. De Standaard schreef hierover:

Een voormiddag waarin de telefoons werden uitgezet, de mail niet werd gecheckt, vergaderingen werden verplaatst en collega’s elkaar niet stoorden. Alleen in het contact centre, waar de klanten te woord gestaan worden, stonden de telefoons niet uitgeschakeld.
De reacties van de medewerkers waren vooral positief, want ze hadden weer controle over wat ze aan het doen waren.

Er zijn meer bedrijven die de wens behoefte hebben aan een dag van stilte op het werk, geen luide telefoons of overbodig storen van collega’s.

De Redactie.be sprak Greet Santy van Partena. Dit bedrijf heeft het concept langer uitgetest en geëvalueerd. Greet Santy zegt:

In het begin deden we er een beetje lacherig over en dachten we dat het niet veel verschil zou maken, maar achteraf merkten we toch dat we er heel veel aan hadden. We vonden het leuk dat het echt stil is van 9 tot 13 uur. Het werd ook goed gerespecteerd, en willen ermee verder.

Waar is het misgegaan met Het Nieuwe Werken?
Hoe lang blijft het nog onrustig in kantoortuinen? Mijn voorspelling luidt: open kantoren (de kantoortuinen) zullen in de loop van de tijd plaatsmaken voor werkruimten waar kenniswerkers geconcentreerd (diep) kunnen werken.

Diep werk versus oppervlakkig werk
Carl Newport is pleitbezorger van ‘deep work’. In zijn boek ‘Diep werk – werken met aandacht in een wereld vol afleiding’ zet hij deze zelfbedachte term tegenover oppervlakkig werk. Onder diep werk verstaat Newport ‘professionele activiteiten die het uiterste van je cognitieve vaardigheden vergen en die in een toestand van afleidingloze concentratie worden uitgevoerd’. Het oppervlakkige werk bevat cognitief niet-veeleisende logistieke gerichte taken, die vaak met afleiding verricht kunnen worden. De auteur concludeert dat kenniswerkers die diep werk moeten verrichten hier niet in slagen in open kantoren.

Is serendipiteit belangrijk?
De auteur van ‘Diep werk’ citeert in het boek Jack Dorsey, de oprichter van Square:

We stimuleren het dat mensen in open ruimtes werken, want we geloven in serendipiteit – en mensen die langslopen, leren elkaar nieuwe dingen.

Newport stelt dat men in het bedrijfsleven allerlei andere ideeën dan diep werk belangrijker vinden. Onder ‘andere ideeën’ verstaat hij serendipitaire samenwerking, snelle communicatie en actieve aanwezigheid op sociale media. De open werkruimte mag volgens Newport dan wel de mogelijkheid tot samenwerking geven, maar de prijs is te hoog: de afleiding is de doodsteek van productief werken. Om die reden zou diep werk wel een prioriteit in het hedendaagse bedrijfsleven moeten zijn.

De relatie tussen diep werk en samenwerking is ingewikkeld volgens Carl Newport. Hij is mordicus tegen open kantoorruimten. Het feit dat Facebook 2.800 persoen in een reusachtige zaal laat werken, noemt de auteur ‘een belachelijke aanval op de concentratie’.

Medewerkers doen enkel oppervlakkig werk
Ik ben het grotendeels eens met Carl Newport. Veel kantoren worden ingericht met grote en kleine zalen. Van minimaal twee, maar meestal 4, tot honderden werkplekken. Een kamer waar je lang achtereen geconcentreerd, dus zonder afleiding, kunt werken, is vaak niet beschikbaar. Je moet lang en geconcentreerd kunnen werken om ‘diep’ te gaan. Een solistische denker heeft geen behoefte aan externe inspiratie en afleiding. Kennelijk gaan bedrijven en overheidsinstellingen er vanuit dat de medewerkers enkel oppervlakkig werk verrichten.

Van ‘ik werk’ naar ‘wij werken’
Susan Cain is ook tegenstander van open kantoorruimten. Cain is auteur van het boek ‘Stil – de kracht van introvert zijn in een wereld die niet ophoudt met kletsen’ en bekijkt het werken in kantoortuinen vanuit de ogen van een introvert persoon. In haar boek stelt zij dat 70 procent van de Amerikaanse werknemers in een kantoortuin werkt. De hoeveelheid ruimte per werknemer is gekrompen van 46 vierkante meter in de jaren zeventig tot 18 vierkante meter in 2010. Het werken is een verschuiving van ‘ik werk’ naar ‘wij werken’. Volgens Cain is er een tegenbeweging gaande. Sommige bedrijven zouden inzien dat stilte en eenzaamheid waardevol is, want kantoortuinen verlagen de productiviteit en verslechteren de geheugenfunctie.

Susan Cain beschrijft in haar boek ‘Stil’ de ideale kantoorinrichting:

Flexible kantoorinrichting die bestaat uit een mix van eenpersoonswerkruimtes, stiltezones, informele ontmoetingsplekken, koffiebars, leeszalen, computercentra en zelfs ‘straatjes’ waar mensen informeel met elkaar kunnen kletsen zonder anderen te storen bij hun werkzaamheden.

Wanneer worden de open kantoren weer omgebouwd om diep werk en echte samenwerking mogelijk te maken? Medewerkers willen toch graag werken in een kantoor zonder afleiding of zijn kenniswerkers alleen maar bezig met oppervlakkig werk?