Zelfdiscipline, zelfsturing, zelfontplooiing en zelfredzaamheid zijn de sleutelwoorden. De mens staat centraal.

De Engelstalige termen ‘bricks, bytes en behavior’ worden veel gebruikt in de context van Het Nieuwe Werken. Het gaat dan om de huisvesting, techniek en gedrag. Het kantoor is een sociaal bindmiddel (bricks), de technologie biedt de mogelijkheden (bytes) en de factor mens is vertegenwoordigd door het gedrag, de houding en de cultuuromslag (behavior).

10-10-80
De termen ‘bricks, bytes en behavior’ worden altijd in deze volgorde genoemd, maar eigenlijk behoort ‘behaviour’ vooraan in dit rijtje te staan. Het gedrag is de belangrijkste component. In de wereld van Het Nieuwe Werken wordt de verdeling 10-10-80 gebruikt: 10% bricks, 10% bytes en 80% behavior.

Organisatieverandering
Als de huisvesting helemaal in lijn is met Het Nieuwe Werken en de medewerkers zijn voorzien van de beste hard- en software, dan bereikt een organisatie niet het gewenste resultaat als de medewerkers een onwelwillende houding vertonen. Het gedrag van de mensen moet overeenkomen met de visie van het bedrijf. Niet alleen de medewerkers moeten een positieve grondhouding hebben ten opzichte van Het Nieuwe Werken. Ook de managers dienen volledig achter de nieuwe manier van werken en de daarbij behorende organisatieverandering staan.

Aan de slag met Het Nieuwe Werken
Dik Bijl beschrijft in zijn boek ‘Aan de slag met Het Nieuwe Werken’ dat er voor de werknemers veel verandert met Het Nieuwe Werken:

Het Nieuwe Werken is een visie om werken effectiever, efficiënter, maar ook plezierige te maken voor zowel de organisatie als de medewerker. Die visie wordt gerealiseerd door die medewerker centraal te stellen en hem – binnen bepaalde grenzen – de ruimte te geven in het bepalen hoe hij werkt, waar hij werkt, wanneer hij werkt, waarmee hij werkt en met wie hij werkt.

Voor de medewerkers impliceert Het Nieuwe Werken een andere houding ten aanzien van het werken.

De mens zelf
De medewerker krijgt een grote verantwoordelijkheid ten opzichte van de taken die hij moet uitvoeren. De medewerker is meer op zichzelf aangewezen. Bij Het Nieuwe Werken staat de mens ‘zelf’ centraal: zelfdiscipline, zelfsturing, zelfontplooiing en zelfredzaamheid zijn de sleutelwoorden.

Het Nieuwe Werken behelst werken op basis van targets en prestatieafspraken (sturen op resultaten). Er wordt dus niet meer aangestuurd op aanwezigheid. De medewerker zal zijn werk zelf moeten gaan indelen, werkrooster opstellen en plannen. In overleg met de collega’s kan de werknemer zijn eigen werktijden vaststellen.

Wat moet veranderen?
Hieronder een aantal suggesties van veranderingen die mensen moet ondergaan en ook zelf uitvoering aan moeten geven.

  • Flexibel willen werken: de werknemer moet zijn vertrouwde kantoor opgeven en wellicht ook zijn dag routine;
  • Wisselwerkplekken: Niemand een eigen werkplek, ongeacht positie of ervaringsniveau;
  • Geen muziek: Geen muziek op de werkvloer, tenzij anderen daarmee instemmen;
  • Clean desk: De werkplek niet langer bezet houden dan strikt noodzakelijk;
  • E-mail i.p.v. telefoon: E-mail kan meer gebruikt worden als conversatiemiddel. Het kan 1-op-1 gesprekken vervangen, waardoor men elkaar minder stoort;
  • Vergaderen met agenda: alleen vergaderen met een vastgestelde agenda, zodat deelnemers niet voor niets komen opdagen;
  • Maximale vergadertijd: De duur van een vergadering moet vastliggen zodat de medewerkers de tijd beter kunnen indelen;
  • Papierloos werken: Geen voorraad papier of schaduwarchief in eigen beheer. De digitalisering heeft als voordeel dat iedereen over actuele gegevens kan beschikken;
  • Bereikbaar zijn: Follow-me inschakelen, voice mail inspreken en afspraken over beltijden (niet na 18.00 bijvoorbeeld) maken.

Kernwoorden behavior: het gedrag en Het Nieuwe Werken:

  • Zelfsturing;
  • Coachend leiderschap;
  • Share unless;
  • Communities;
  • Werken binnen kaders.

Bron: de kernwoorden zijn afkomstig van de presentatie ‘Het Nieuwe Werken ontrafeld’.